Op 6 oktober vorig jaar heeft de Europese Commissie haar wetgevende voorstellen gelanceerd voor de financiering van het cohesiebeleid 2014-2020. Deze wetgevende voorstellen legden de doelstellingen en algemene principes vast van het cohesiebeleid na 2013.
In de oorspronkelijke planning zou de Europese Commissie haar voorstellen omtrent het Gemeenschappelijk Strategisch Kader (GSK) in januari 2012 publiceren samen met een openbare raadpleging. De publicatie van dit GSK wordt echter uitgesteld tot de zomer. De Commissie zal nu eerst een werkdocument (staff working document) opmaken voor het Europees Parlement en de Raad dat meer informatie geeft over de inhoud van het GSK. In de zomerperiode zal de publicatie van het voorstel alsnog gepaard gaan met een publieke consultatie. Momenteel is er nog onduidelijkheid over de vorm waarin het document gepubliceerd zal worden. Dit zou een gelegeerde handeling kunnen zijn of een bijlage bij de verordening.
Deze week verscheen reeds een gelekt ontwerp van het GSK. In het document worden de doelstellingen van slimme, duurzame en inclusieve groei en dus de 11 prioritaire thema's vertaald naar concrete kernacties voor het Europees Fonds voor Regionaal Fonds (EFRO), het Europees Sociaal Fonds (ESF), het cohesiefonds, het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO) en het Europees Visserijfonds (EVF). Dit moet zorgen voor een betere afstemming van de vijf fondsen.
(Ter informatie de 11 prioritaire thema's: Onderzoek en innovatie; Informatie- en communicatietechnologie (ICT); Concurrentievermogen van kleine en middelgrote ondernemingen; Verschuiving naar een koolstofarme economie; Aanpassing aan klimaatsverandering en voorkomen en beheren van risico's; Milieubescherming en zuinig omspringen met hulpbronnen; Duurzaam transport en het oplossen van knelpunten in de belangrijkste netwerkinfrastructuren; Werkgelegenheid en ondersteuning van arbeidsmobiliteit; Sociale inclusie en armoedebestrijding; Onderwijs, vaardigheden en levenslang leren; Institutionele capaciteitsopbouw en efficiënte overheidinstellingen)
Het GSK wijdt één hoofdstuk aan de territoriale benadering. Om ervoor te zorgen dat de structuurfondsen geïnvesteerd worden in de juiste prioriteiten, zouden de beheersautoriteiten een gedetailleerde analyse moeten maken van de kenmerken van de regio. Deze analyse omvat niet enkel een inventaris van techonologische, sociale, culturele, institutionele en andere pluspunten van een regio, maar ook de verbanden tussen die sterke eigenschappen. Daarbij moeten ook de grootste uitdagen gedefinieerd worden, de lokale bottlenecks en de missing links. Op basis van deze analyse kunnen beleidsoplossingen geformuleerd worden en de mogelijke partners in deze beleidskeuzes (cfr. Multilevel governance). Als laatste vraagt de territoriaal gerichte benadering van het cohesiebeleid resultaatsindicatoren om alle acties op te kunnen volgen en te evalueren.
Wat de samenwerkingsactiviteiten betreft, pleit de Europese Commissie in de ontwerptekst voor grensoverschrijdende samenwerking rond de arbeidsmarkt en de mobiliteit van arbeiders. Interregionale samenwerking zou voorkomen in vier programma's van uitwisseling van ervaring:
- rond thematische doelstellingen (voornamelijk innovatieve onderzoeksintensieve clusters)
- rond duurzame stedelijke en plattelandsontwikkeling
- rond territoriale samenwerking en het gebruik van de Europese Groepering voor Territoriale Samenwerking
- analyse van ontwikkelingstrends (ESPON)
Op basis van dit Gemeenschappelijk Strategisch Kader zal iedere lidstaat, in samenwerking met haar partners en in dialoog met de Europese Commissie, partnerschapscontracten opstellen. Deze partnerschapscontracten vertalen de doelstellingen van het GSK naar de nationale context.
Berichten met betrekking tot de toekomst van het cohesiebeleid zijn op de vlevawebsite gebundeld onder de link http://www.vleva.eu/themaplatform/all/cohesiebeleid-plus2013
Verwant bericht: http://www.euractiv.com/regional-policy/sustainability-rules-future-eu-regional-funds-news-510266









